Jankobus Seunnenga zet 15 fabels van Simon Vestdijk op muziek

Jankobus Seunnenga zet 15 fabels van Simon Vestdijk op muziek

,Fabels Met Kleurkrijt’

Door Harry de Jong

HEERENVEEN Door zijn melancholieke stemgeluid is singer-songwriter Jankobus Seunnenga bij uitstek geschikt om loodzware en lichtvoetige gedichten uit de vaderlandse literatuur op muziek te zetten.

Dat heeft deze bijzonder productieve muzikant dan ook meermalen gedaan. En met verve. Jan Jacobus Slauerhoff, Herman Gorter en Louis Couperus, ze hebben allemaal al eens een beurt van Seunnenga gehad.

Op zijn nieuwste album Fabels Met Kleurkrijt neemt hij de in 1938 verschenen gelijknamige dichtbundel van Simon Vestdijk onder handen. Dit vijftien fabels tellende boekje heeft volgens Kees Fens in de Volkskrant van oktober 1998 de status van literatuurklassieker verdiend, maar die nooit gehaald. Samen met Dick, de zingende en gitaar spelende zoon van Simon Vestdijk en enkele bevriende muzikanten transformeert Seunnenga deze onderschatte poëzie tot liedjes op het snijvlak van folk en kleinkunst die lekker wegluisteren. En daarmee zijn vijftien intrigerende gedichten in ieder geval weer voor een tijdje aan de vergetelheid ontrukt.

Seunnenga vindt de in 1972 overleden Vestdijk nog altijd een onderschat talent. ,,Hij is 12 of 13 keer genomineerd geweest voor de Nobel Prijs, maar heeft ‘m nooit gekregen. Maar dat maakt hem natuurlijk extra bijzonder: hij is de enige Nederlander die ooit voor die prijs op de lijst heeft gestaan. Ik vind zijn gedichten trouwens nog altijd prachtig. Die vijftien fabels kan ik keer op keer herlezen en steeds ontdek ik er wat nieuws in. Jammer dat Vestdijk steeds meer in de vergetelheid raakt. Ik zie het dan ook als een schone taak zijn werk weer onder de aandacht te brengen.’’

Seunnenga maakte in een grijs verleden furore in de Friese punkpopband Kobus Gaat Naar Appelscha en verdiende daarna decennia lang de kost als de betere helft van het roemruchte duo Pigmeat.

Samen met Sytse Haima trok hij het hele land door om het publiek te bestoken met rootsy en kolderieke folk. Maar dat is lang geleden en Seunnenga staat nu alweer heel wat jaren op eigen benen. In die tijd heeft hij zich ontpopt tot een ware woordkunstenaar die voortdurend balanceert op de grens van jolijt en bittere ernst.

Ontdekkingsreis
,,Ach, mijn hele leven is eigenlijk een ontdekkingsreis naar mooie muziek geweest,’’ vertelt Seunnenga. ,,De liedjes van Boudewijn de Groot zaten al op hele jonge leeftijd in mijn systeem. In de vroege jaren zeventig ontdekte ik de Stones, maar door hun muziek vond ik de weg terug naar de authentieke blues van Muddy Waters. Later kocht ik voor drie gulden op de goede gok een plaat van Bill Monroe. Fantastisch, die mandoline en die hoge stem. Je moet even de tijd nemen om die muziek te leren waarderen. Dat geldt ook voor Hank Williams. In de late jaren zeventig kwam de punk opzetten en daar had ik meteen een zwak voor. De Ramones spraken me geweldig aan.’’

Met zo’n gevarieerde muzikale bagage is het geen wonder dat Seunnenga als solist steeds weer ,avontuurlijk’ plaatjes weet af te leveren. Maar ook met Pigmeat is er nooit een ondermaats album gemaakt. Haima en Seunnenga bleken bijzonder vindingrijk als het ging om het interpreteren van Amerikaanse rootsmuziek. ,,Na 20 jaar en meer dan tweeduizend optredens hadden we het met Pigmeat echter wel bekeken,’’ bekent Seunnenga. ,,We waren het slachtoffer van ons succes. Ik wilde graag wat serieuzere liedjes doen, maar dat paste niet bij Pigmeat. Ik kon mijn ei dus niet meer kwijt. En dat kan ik nu wel.’’

Komt er ooit een reünie van Pigmeat? ,,Uitgesloten,’’ stelt Seunnenga. ,,Die tijd is voorgoed voorbij. Ze hebben me ook gevraagd voor een reünieoptreden van Kobus Gaat Naar Appelscha, maar ik heb mooi voor de eer bedankt.’’